
Op 9 december 1920 werd hij pastoor te Vollezele. Walgrave was literair heel begaafd en had zelf zijn overplaatsing naar Vollezele gevraagd. Als hoofdpriester werd hij uitgenodigd bij alle belangrijke evenementen op de stoeterijen. Hij was lid van de Arkadenakademie te Rome en vanaf 20 juni 1923 van de Koninklijke Vlaamse Academie voor Taal- en Letterkunde. Belangrijk voor hem was zijn studie over het werk en het leven van Guido Gezelle, zijn grote voorbeeld. Aloïs verwief vooral bekendheid met zijn tweedelige boek dat hij in Vollezele schreef 'Het leven van Guido Gezelle' (1923-1924). Hij schreef bijbelverhalen zoals ‘Vrede op Aarde’ en toneelstukken. Zijn befaamde 'Mariaspel' werd in Halle voor tienduizenden mensen meermaals vertoond. Hij ligt begraven naast zijn geliefde kerk van Vollezele.